| Original Dutch |
English Translation
|
|
1-1
Ik vlieg, ik waggel en ik zwem,
ik kwek voor jou en ik kwak voor haar
ik snater heel wat bij elkaar
en als jij een liedje voor me zingt
dan plons dan duik ik en dan zwem
ik wat voor hem.
Spetter, pieter, pater,
lekker in het water
ga maar vast naar huis,
ik kom een druppel later.
1. DE EIEREN
Breed Rietland.
De winter is voorbij,
de eerste knoppen komen uit,
dieren worden wakker uit hun winterslaap,
een stille landweg.
Henk de Mol steekt zijn hoofd verbaasd uit zijn molshoop omhoog,
Een auto raast over hem heen.
Henk kan zich op het nippertje terug trekken.
Vogels beginnen aan het bouwen van nesten,
lammetjes dartelen door de wei.
Twee landmeters, de reigers Stip en Stap,
zijn druk in de weer met het meten van de polder.
Johan Kwak wordt verliefd op Anna van de Polder,
een dartele eend,
die door twee vechtende woerden in het nauw wordt gedreven.
Johan bevrijdt Anna,
nadat hij de twee kemphanen uit elkaar heeft gedreven
Johan zingt een liefdesliesje.
Ze vrijen,
ze trouwen
ze bouwen in een oude klomp een prachtig nest
en Anna legt,
niet eens zo heel veel later,
zeven perfecte eieren.
Anna kan haar geluk niet op,
Johan is de koning te rijk,
maar gevaar loert aan alle kanten.
Schor de kraai probeert een ei te stelen,
Snel de Snoek kaapt zelf een ei,
maar Johan weet het terug te veroveren.
In het kantoor van bouwonderneming Bart Beton Bever B.V.
bestuderen de heren A. Rokodil en O. Nijlpaard
hun nieuwe bouwproject.
En dan, op een mooie morgen
begint er een ei te bewegen.
Johan en Anna kijken verbaasd toe en zien
hoe het ei er op twee pootjes als een haas vandoor gaat.
Een wilde achtervolging volgt.
Johan verliest het ei uit het oog
en het ei zoekt zijn weg door naar Breed Rietland,
niet onopgemerkt door Rap de Kiekedief,
die nog nooit zo'n vreemd ding heeft gezien.
Is het een ei dat loopt, of een kuiken in een ei ?
De Kiekedief is niet zeker van zijn zaak
en probeert in het ei te prikken en,
inderdaad het is een kuiken in een ei.
|
1-1
I fly, I waddle and I swim,
I quack for you and I quack for her
I quack[note 1] quite a bit
and if you sing me a song
I'll splash, I'll dive, and I'll swim
a little for him.
Splash, pitter, patter,
enjoying the water
go on back home,
I'll be a drop later.
1. THE EGGS
Breed Rietland.
Winter is over,
the first buds are blooming,
animals awaken from their winter sleep,
a quiet country road.
Henk de Mol pokes his head up in surprise from his molehill,
A car rushes over him.
Henk manages to pull back just in time.
Birds start building nests,
lambs frolic in the meadow.
Two surveyors, the herons Stip and Stap,
are busy measuring the polder.
Johan Kwak falls in love with Anna van de Polder,
a lively duck,
who is being cornered by two fighting drakes.
Johan rescues Anna,
after driving the two brawlers[note 2] apart.
Johan sings a love song.
They make love,
they marry,
they build a beautiful nest in an old clog
and Anna lays,
not too long after,
seven perfect eggs.
Anna is overjoyed,
Johan is as happy as a king,
but danger lurks everywhere.
Schor de Kraai tries to steal an egg,
Snel de Snoek even snatches one,
but Johan manages to reclaim it.
In the office of construction company Bart Beton Bever Ltd.
Mr. A. Rokodil and O. Nijlpaard are studying
their new construction project.
And then, on a fine morning
an egg starts to move.
Johan and Anna watch in amazement and see
how the egg scurries away on two little legs.
A wild chase ensues.
Johan loses sight of the egg
and the egg finds its way through Breed Rietland,
not unnoticed by Rap de Kiekedief,
who has never seen such a strange thing.
Is it an egg that walks, or a chick inside an egg?
The Kiekedief is unsure
and tries to poke the egg and,
indeed, it is a chick inside an egg.
|
| Original Dutch |
English Translation
|
|
1-2
De schaal barst uit elkaar.
En daar staat de kleine Alfred J. Kwak,
op trillende pootjes,
met grote ogen de wereld in te kijken.
De Kiekedief die al heel lang niets heeft gegeten
wil toehappen,
maar als Alfred die grote vogel ziet,
moet hij van schrik heel hard kwaken.
Dit wordt natuurlijk door zijn vader gehoord,
die als een raket komt aangevlogen
en korte metten met de Kiekedief maakt.
Als Johan en Alfred thuiskomen
zit moeder Anna boven op zes donsige gele kuikentjes.
Johan kijkt naar Anna,
Anna kijkt naar Johan
en de tranen van geluk lopen over hun wangen.
Dan ineens vliegt het nest
met kuikens en al
zeker een halve meter in de lucht
en nog eens
en nog eens
het houdt maar niet op,
een aardbeving?
Johan vliegt op en ziet tot zijn ontsteltenis
dat midden in Breed Waterland[note 3],
Bouwbedrijf Bart Beton B.V.
is begonnen met de aanleg van een groot pretpark.
"HIER KOMT SPROOKJESWERELD"
leest Johan op een immens reclamebord.
Wijkkranen, tractoren, vrachtauto’s rijden af en aan.
Grote zandhopen worden in allerlei richtingen geschoven,
en een van die zandhopen wordt onherroepelijk in de richting
van het nest van de familie Kwak geschoven.
Johan vliegt naar de chauffeur van de bulldozer,
maar komt niet boven het lawaai uit.
De bever aan het stuur begrijpt niets van wat Johan
allemaal schreeuwt.
Inmiddels is de zandhoop al maar dichterbij gekomen.
Alfred vliegt naar Anna en sleept haar en de kinderen
vlak voor de zandhoop weg.
Dan, ineens klinkt er een sirene
en wordt het land weer stil,
alsof er nooit een bouwonderneming is geweest.
Schafttijd.
We moeten verderop gaan wonen,
hier kunnen we niet blijven.
De familie Kwak verplaatst het nest een paar kilometer verderop,
waar inmiddels ook Henk de Mol opduikt,
die minstens zo verontwaardigd is als de familie Kwak.
Weken gaan voorbij,
het pretpark groeit en groeit
en is zo te zien bijna klaar.
Alfred is ongelooflijk nieuwsgierig
en zou dolgraag eens een kijkje gaan nemen,
maar dat heeft zijn vader hem uitdrukkelijk verboden.
Alfred kan zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen
en verlaat op een warme zomeravond het ouderlijk nest
om eindelijk eens in dat pretpark te gaan kijken.
Die avond draait het park proef
voor een laatste controle.
|
1-2
The shell bursts apart.
And there stands little Alfred J. Kwak,
on trembling legs,
looking at the world with big eyes.
The Kiekedief, who hasn't eaten in a long time,
wants to snatch him up,
but when Alfred sees the big bird,
he quacks very loudly out of fear.
Of course, this is heard by his father,
who comes flying like a rocket
and quickly deals with the Kiekedief.
When Johan and Alfred come home
mother Anna is sitting on six fluffy yellow chicks.
Johan looks at Anna,
Anna looks at Johan
and tears of joy run down their cheeks.
Then suddenly the nest,
with the chicks and all,
jumps half a meter into the air,
and again,
and again.
It just won't stop,
an earthquake?
Johan flies up and sees in shock
that in the middle of Breed Rietland,
construction company Bart Beton ltd.
has started building a large theme park.
"HERE COMES FAIRYTALE WORLD"
Johan reads on an enormous billboard.
Cranes, tractors, trucks come and go.
Huge piles of sand are being pushed in all directions,
and one of these sand piles is inevitably being pushed
towards the Kwak family's nest.
Johan flies to the bulldozer driver,
but can't be heard over the noise.
The beaver behind the wheel doesn't understand a word
of what Johan is shouting.
Meanwhile, the sand pile keeps getting closer.
Alfred flies to Anna and drags her and the children
away just in time before the sand pile.
Then, suddenly, a siren sounds
and the land becomes quiet again,
as if there was never a construction company there.
Break time.
We need to move further away,
we can't stay here.
The Kwak family moves the nest a few kilometers away,
where Henk de Mol also appears,
who is just as outraged as the Kwak family.
Weeks go by,
the theme park grows and grows
and looks almost ready.
Alfred is incredibly curious
and would love to take a look,
but his father has strictly forbidden it.
Alfred can't control his curiosity
and on a warm summer evening, he leaves the family nest
to finally take a look at that theme park.
That evening the park is having a test run
for a final check.
|
| Original Dutch |
English Translation
|
|
1-3
Alfred bekijkt alle attrakties,
tot en met het spookhuis
en dat had hij beter niet kunnen doen.
Gillend van angst
en trillend als een riet
vlucht hij naar huis
waar hij wordt opgewacht
door een dodelijk ongeruste familie.
De volgende dag wordt het park officieel geopend.
Duizend dieren stromen over de nieuw aangelegde weg toe.
Het is voor altijd gedaan met de rust in Breed Waterland.
De familie Kwak is ontroostbaar.
“Waarom gaat u niet emigreren? Dan emigreer ik mee. De lol
is er hier voor goed af", zegt Henk de Mol.
Ze pakken hun spullen
en vertrekken over de dijk
naar Groot Waterland.
Daar zou het nog rustig zijn.
Henk de Mol is al vooruit gegaan
om een goed plekje uit te zoeken.
De eenden waggelen en waggelen,
dag in, dag uit.
‘s Nachts slapen ze in de berm van de weg
of ergens verstopt op een boerderij.
Na zeven dagen waggelen,
bereiken ze de grens van Groot Waterland.
Die grote autoweg nog over en dan...
Het land ziet er prachtig uit.
Het oversteken valt niet mee,
het is zondag en er is veel dagjes verkeer.
Alfred waggelt achter een vlinder aan
terwijl de familie alvast oversteekt.
Dan piepende remmen,
de heer A. Rokodil rijdt pardoes over de familie heen.
Doodse stilte.
Alfred begrijpt niet wat er gebeurt,
dieren rennen over de weg,
auto's stoppen.
Alfred voelt een hand op zijn schouder,
het is Henk de Mol.
“Alfred, kom, dan gaan we vast naar mijn nieuwe molshoop".
Alfred begrijpt er niets meer van
en waggelt achter de mol aan.
Maar..., maar...
Ik vlieg, ik waggel en ik zwem,
ik kwek voor jou en ik kwak voor haar
ik snater heel wat bij elkaar
en als jij een liedje voor me zingt
dan plons dan duik ik en dan zwem
ik wat voor hem.
Spetter, pieter, pater,
lekker in het water
ga maar vast naar huis,
ik kom een druppel later.
|
1-3
Alfred looks at all the attractions,
up to and including the haunted house
and he really shouldn't have done that.
Screaming in fear
and trembling like a reed
he runs back home
where he is awaited
by a terribly worried family.
The next day, the park is officially opened.
Thousands of animals stream over the newly constructed road.
It's over for good with the peace in Breed Rietland.
The Kwak family is inconsolable.
"Why don't you emigrate? Then I'll emigrate with you. The fun
is over here for good," says Henk de Mol.
They pack their things
and leave over the dike
to Groot Waterland.
It should still be peaceful there.
Henk de Mol has already gone ahead
to find a good spot.
The ducks waddle and waddle,
day in, day out.
At night, they sleep in the ditch by the road
or hidden somewhere on a farm.
After seven days of waddling,
they reach the border of Groot Waterland.
Just one more big highway to cross and then...
The land looks beautiful.
Crossing is not easy,
it's Sunday and there's a lot of day traffic.
Alfred waddles after a butterfly
while the family is already crossing.
Then, screeching brakes,
Mr. A. Rokodil drives right over the family.
Dead silence.
Alfred doesn't understand what happened,
animals run across the road,
cars stop.
Alfred feels a hand on his shoulder,
it's Henk de Mol.
"Alfred, come, let's go to my new molehill."
Alfred doesn't understand anything anymore
and waddles after the mole.
But..., but...
I fly, I waddle and I swim,
I quack for you and I quack for her
I quack quite a bit
and if you sing me a song
I'll splash, I'll dive, and I'll swim
a little for him.
Splash, pitter, patter,
enjoying the water
go on back home,
I'll be a drop later.
|
|